Hoe werkt een prijs op CO2 ?


Als een produkt duurder wordt hebben wij de neiging om minder ervan te verbruiken. CO2 emissies door verbranding van fossiele brandstoffen kosten momenteel echter bijna niets.

Een welbekende en op lange termijn stijgende CO2-prijs op fossiele brandstoffen zou de nodige stimulans geven. Ze zou de industrie, de energiesector, de overheid en de burgers ertoe brengen om in energie-efficiëntie en hernieuwbare energie te investeren, en om spaarzaam met resources om te gaan. Daarbij is een prijs op CO2 ook het meest kosteneffectief – de CO2 reductie wordt met de laagst mogelijke kosten bereikt, en stimuleert innovatieve oplossingen.

Een prijs op CO2 maakt de CO2-intensiteit van een produkt expliciet. De meest vervuilende produkten en energiebronnen worden automatisch ook het duurste. Dat maakt het ook gemakkelijker voor burgers en bedrijven om de meest ecologische beslissingen te nemen.

Bijvoorbeeld: door een prijs op CO2 wordt treinreizen goedkoper tegenover vervoer met de wagen. Qua verwarmingsmogelijkheden zal een warmtepomp voordeliger worden dan de klassieke verwarming op aardgas. In de supermarkt zullen regionale groenten en fruit goedkoper worden dan waren uit het buitenland.

Een prijs op CO2 zetten kan in principe dmv. een koolstofheffing of met een cap and trade systeem.




Hoe werkt een koolstofheffing ?


Het is een heffing gebaseerd op de hoeveelheid koolstof in een fossiele brandstof. Fossiele brandstoffen zoals aardolie, aardgas en steenkool bevatten koolstof (C). Als ze worden verbrand komt er een krachtig broeikasgas vrij, koolstofdioxide (CO2). De heffing is gebaseerd op het aantal ton CO2 die de brandstof zou genereren, en wordt geheven op het vroegste punt dat ze onze economie binnenkomt, dus uit de bron, mijn of haven. De heffing zou in het begin laag zijn: 15 of 20 € per ton, en elk jaar met 10 € stijgen. Bij een koolstofheffing is de prijs voor de uitstoot van een ton CO2 gekend, en deze prijs stijgt op een voorspelbare manier, waardoor burgers en bedrijven hiermee beter rekening kunnen houden bij hun investeringen. De CCL pleit voor een koolstofheffing met koolstofdividend, waarbij 100% van de inkomsten van de heffing aan de Belgische huishoudens wordt teruggegeven.




Hoe werkt een cap and trade systeem ?


Een cap and trade systeem is een andere manier om een prijs te zetten op CO2 uitstoot. Elk jaar worden een bepaalde hoeveelheid CO2 emissierechten voorzien ( cap = bovengrens). Deze hoeveelheid wordt elk jaar verminderd. De emissierechten worden uitgedeeld aan de bedrijven, of geveild. Voor elke ton CO2 die de bedrijven uitstoten moeten ze een emissierecht bezitten. Bedrijven kunnen investeringen doen om hun CO2 uitstoot te verminderen en vervolgens hun overschot aan emissierechten aan andere bedrijven verkopen ( trade). Dit maakt het winstgevend voor de bedrijven om in low-carbon technologieën te investeren. Een cap and trade scheme zet een prijs op de uitstoot van CO2, maar deze prijs is onvoorspelbaar en volatiel, afhankelijk van vraag en aanbod op de markt. De onvoorspelbare prijs maakt dat bedrijven niet zo snel geneigd zijn om investeringen te doen om hun CO2 emissies te doen dalen.




Europa heeft toch reeds een cap and trade systeem (de EU ETS). Waarom dan nog een extra prijs op CO2 eisen ?


Het Europese Emission Trading System (ETS) reguleert nauwelijks de helft van alle CO2 emissies. Bovendien heeft men – onder gelobby van de industrie – veel te veel emissierechten voorzien, wat de prijzen heeft doen instorten. Wat de situatie nog erger maakte zijn de “carbon offsets”. Energieleveranciers kunnen carbon offsets kopen van projecten die beweren dat ze CO2 uitstoot hebben gereduceerd, wat hen het recht geeft om meer fossiele brandstoffen te verbranden. Het is echter zeer moeilijk aan te tonen of een project inderdaad CO2 uitstoot heeft uitgespaard (bijv. als er een windmolenpark gebouwd wordt, zijn daarmee CO2 emissies vermeden, omdat er anders op die plaats een steenkoolcentrale zou gebouwd zijn ? Of zou dat windmolenpark er ook zonder de carbon offsets zijn gekomen ? ) Dit alles heeft tot gevolg dat de prijs van een emissierecht al jaren veel te laag ligt om voldoende investeringen in hernieuwbare energie en energiezuinigheid te stimuleren.




Wat zou er moeten gebeuren om de Europese emissiehandel te hervormen ?


De CCL geeft de voorkeur aan een koolstofheffing en koolstofdividend boven een emission trading scheme, vanwege de eerder vermelde problemen. We houden er echter rekening mee dat het misschien politiek onhaalbaar is om de Europese emissiehandel te vervangen door een koolstofheffing en dividend. In dat geval moeten de volgende hervormingen aan het bestaande systeem worden doorgevoerd:

  • In de Europese emissiehandel is een overschot aan certificaten onstaan ten bedrage van meer dan 2 miljard ton CO2 (In 2015 lag de totale CO2 uitstoot van de EU rond de 3,5 miljard ton). De laatste jaren zijn er steeds meer certificaten uitgebracht op de markt dan dat er nodig waren. Zonder schaarste kan er geen degelijke CO2 prijs ontstaan, die de trigger vormt voor langetermijninvesteringen. Dit overschot moet dus uit de markt genomen worden.
  • Er moet een kontinu stijgende minimumprijs worden ingevoerd bij de veiling van de certificaten. Dit zou voor meer planningszekerheid bij investeerders leiden.
  • De EU-emissiehandel moet worden uitgebreid naar alle sectoren van de industrie, evenals voor private emissies (bv. voor verwarming van gebouwen) en verkeer. De hoeveelheid certificaten die wordt uitgegeven zou dan direkt kunnen worden afgeleid van de reductiedoelstellingen van de EU.




Waarom de koolstofheffing elk jaar verhogen ?


De prijs van de koolstofheffing moet hoog genoeg zijn om een echte verandering in gang te zetten. Anderzijds willen we burgers en bedrijven de tijd geven om zich aan te passen. Daarom zou de heffing in het begin laag zijn: 15 of 20 € per ton, en elk jaar met 10 € stijgen.




Waarom belastingneutraal ?


Belastingen zijn niet populair, en de inkomsten zijn geneigd om geruisloos in de staatskas te verdwijnen. Het doel van een koolstofheffing is echter niet om de staatskas te spijzen, maar om een stimulans te creëren om minder CO2 uit te stoten. Om de koolstofheffing sociaal rechtvaardig en politiek haalbaar te maken stellen wij voor om de opbrengst van de koolstofheffing gelijk te verdelen over alle burgers van het land, in de vorm van een koolstofdividend. Wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat een gewone koolstofheffing een negatief effect heeft op de economie, terwijl een 100% belastingneutrale koolstofheffing net de economische groei bevordert.




Wat zijn de gevolgen van een koolstofheffing en dividend voor de economie ?


In 2013 heeft Regional Economic Models Inc. (REMI) een wetenschappelijke studie uitgevoerd naar het effect van een belastingneutrale koolstofheffing voor de Amerikaanse economie. REMI maakte gebruik van verschillende macro-economische modellen voor het vergelijken van verschillende scenarios. De bevindingen: zulk een beleid zou een sterk positief effect hebben op de economie, op de werkgelegenheid en op de volksgezondheid.




Waarom een koolstofdividend en geen belastingverlaging ?


Men zou natuurlijk de opbrengst van de koolstofheffing op een andere manier kunnen teruggeven aan de burgers, bijvoorbeeld door middel van een belastingverlaging. Wetenschappelijk onderzoek omtrent een belastingneutrale koolstofheffing concludeert dat een belastingverlaging nog een iets gunstiger resultaat heeft dan een koolstofdividend (hoewel een koolstofheffing met dividend nog steeds een sterk positief effect heeft op de economie) Waarom pleit de CCL dan toch voor een dividend ?

  • Het is moeilijk te verdedigen om de opbrengst van de heffing aan andere doelen te besteden, want het langetermijndoel van de heffing is dat de CO2 emissies naar nul zullen gaan (en dus ook de inkomsten).
  • Een vast bedrag per persoon uitkeren als koolstofdividend heeft als voordeel dat het simpel en transparant is. Bij elke andere verdeling dreigt men in eindeloze politieke discussies te belanden. Een dividend is politiek neutraal.
  • Een vast bedrag per persoon uitkeren is ook administratief het eenvoudigste.
  • Het is de beste manier om te garanderen dat de koolstofheffing inderdaad belastingneutraal blijft. Anders zou bij elke prijsverhoging de verdenking kunnen ontstaan dat de overheid vooral extra inkomsten wil genereren in plaats van CO2 emissies te reduceren.
  • Een belastingverlaging zou bepaalde bevolkingsgroepen zoals gepensioneerden en werklozen niet bereiken, terwijl ze wel extra geld nodig hebben om de duurdere brandstoffen te betalen. Bij een koolstofdividend heeft iedereen voordeel.




Zou de overheid de opbrengst van een koolstofheffing niet beter investeren in maatregelen ter bescherming van het klimaat ?


De prijs op CO2 leidt er net toe dat er CO2 uitstoot wordt bespaard waar dat op de goedkoopste manier kan gebeuren. Dus hierdoor nemen we automatisch de beste maatregelen voor de bescherming van het klimaat. Als de opbrengst van de heffing echter wordt gebruikt voor specifieke maatregelen en het bevorderen van specifieke technologieën dan kan dit de markt verstoren en de gunstige werking van een CO2 prijs mogelijk terug teniet doen.




Waarom het koolstofdividend aan de burgers uitkeren en niet aan de bedrijven ?


De bedrijven zullen inderdaad hogere kosten hebben door de koolstofheffing, omdat fossiele brandstoffen duurder worden, en dus ook hun produktie- en transportkosten. De bedrijven zullen deze hogere kosten echter doorrekenen aan hun klanten. Het is dus de burger die de CO2 prijs betaalt voor emissies die nog niet vermeden kunnen worden. Daarom moet ook de burger het koolstofdividend ontvangen.




Wie heeft er voordeel bij de koolstofheffing met dividend ?


Op lange termijn hebben we er natuurlijk allemaal baat bij dat de klimaatverandering wordt gestopt en dat we een leefbare planeet behouden. Op korte termijn heeft iedereen die minder CO2 uitstoot dan het gemiddelde van de bevolking een financieel voordeel. Mensen met een grotere CO2 voetafdruk dan gemiddeld zullen netto moeten betalen.

In praktijk betekent dit dat de meeste lage en middeninkomens er financieel op vooruit zullen gaan door de koolstofheffing met dividend. De laagste inkomens hebben immers in het algemeen een kleinere CO2 voetafdruk, ze vliegen minder vaak, rijden minder met de wagen en consumeren minder dan welgestelden. In Canada doen 8 op de 10 gezinnen voordeel met dit beleid.




Is de koolstofheffing met koolstofdividend geen vestzak-broekzak operatie ?


Je zou de bedenking kunnen maken: als de mensen meer moeten betalen voor fossiele brandstoffen, maar tegelijk een koolstofdividend krijgen waarmee ze deze meerprijs kunnen bekostigen, waarom zouden ze dan hun gedrag aanpassen, en hun emissies verlagen ? De mensen zullen hun gedrag wel degelijk aanpassen, omdat de koolstofheffing die ze moeten betalen afhankelijk is van hun fossiele brandstofverbruik, terwijl het koolstofdividend dat ze krijgen hier niet van afhankelijk is. De mensen zullen zoveel mogelijk van het gekregen dividend willen behouden, liever dan het aan duurdere fossiele brandstoffen uit te geven. Ze kunnen dit doen door energie-efficiente verlichting en apparaten te installeren, door hun muren of ramen beter te isoleren, door een oude verwarmingsketel te vervangen door een geothermische warmtepomp. Als ze een nieuwe auto aanschaffen zullen ze meer naar het verbruik kijken, en misschien liever een elektrische auto aanschaffen. Ze zullen liever goedkope elektriciteit uit hernieuwbare energie willen dan dure uit fossiele brandstoffen. Hetzelfde geldt voor investeerders en bedrijven. Naarmate de heffing toeneemt zal ze een steeds belangrijkere factor worden bij het nemen van zakelijke beslissingen.




Is een koolstofheffing en dividend niet ingewikkeld om in te voeren ?


Nee, het wordt net heel simpel. Elke burger geeft door op welke rekeningnummer zijn dividend mag gestort worden. Het dividend van kinderen kan samen met de kinderbijslag worden uitgekeerd.




Zou de koolstofheffing niet net de laagste inkomens het hardste treffen ?


Nee, de laagste inkomens hebben meestal een lagere CO2 voetafdruk en zullen dus meer voordeel halen uit dit plan. Toch kan het verminderen van de CO2 uitstoot een probleem vormen voor de armeren in onze samenleving. Men moet immers in vele gevallen eerst investeren om de CO2 uitstoot te kunnen verminderen. Bijvoorbeeld: een energiezuinige koelkast is in de aanschaf duurder dan een energieverslindend toestel. Ook het energiezuinig maken van gebouwen leidt vaak tot hogere huurprijzen voor de bewoners. Deze voorbeelden maken duidelijk dat het decarbonizatieproces samen moet gaan met sociale maatregelen.




Een koolstofdividend zou ook aan miljonairs worden uitbetaald. Is dit wel rechtvaardig ?


Een vast bedrag per persoon uitkeren als koolstofdividend heeft als voordeel dat het simpel en transparant is. Bij elke andere verdeling dreigt men in eindeloze politieke discussies te belanden. De koolstofheffing moet trouwens in de eerste plaats dienen om het klimaat te beschermen, en geen onnodige extra administratie veroorzaken. Voor sociale herverdeling bestaan er meer geschikte middelen.




Betreffende het leefmilieu bestaan er al zoveel regels. En nu ook nog een koolstofheffing ?


Op lange termijn zou een CO2 prijs net veel – dikwijls onnodig complexe – regels overbodig maken. Want in tegenstelling tot de huidige gedetailleerde wetgeving creëert de CO2-prijs een stimulans die effect heeft op alle aspecten van het leven en alle sectoren van de industrie. Tegelijkertijd laat de koolstofheffing iedereen de vrijheid om te kiezen hoeveel CO2 uitstoot hij wil besparen en op welke manier. Een effectieve koolstofheffing zou er ook voor zorgen dat hernieuwbare energie en opslagtechnologieën zonder subsidies en zonder feed-in tarieven rendabel worden.




Wie pleit er nog voor een CO2 prijs ?


In de aanloop naar de klimaattop in Parijs werd er in 2015 op initiatief van de Wereldbank de “Carbon Pricing Leadership Coalition” opgericht, waar ondertussen meer dan 70 landen, vele regionale en stadsbesturen en een 1000-tal ondernemingen zijn toegetreden.

Onder economen heerst er een brede consensus dat een koolstofprijs essentieel is om de klimaatverandering te stoppen.

Veel economen, zoals Paul Krugman, Lord Nicholas Stern en de Nobelprijswinnaar economie Joseph Stiglitz pleiten voor een koolstofheffing.

In jan 2019 is er een open brief verschenen, ondertekend door meer dan 3500 economen, onder wie 27 Nobelprijswinnaars, die pleit voor een koolstofheffing met dividend

In België is in maart 2019 een vergelijkbare brief gepubliceerd, ondertekend door vele economen en milieuwetenschappers, o.a. door Paul De Grauwe.

Ook klimaatwetenschappers zoals James Hansen zijn voorstander van een koolstofheffing.




Hoe denken bedrijven over de koolstofheffing ?


Vele ondernemingen eisen nu reeds hogere CO2-prijzen, en verwachten ook dat deze zullen worden ingevoerd. Het oliebedrijf Shell gebruikt voor interne calculaties (bijvoorbeeld bij het ontsluiten van nieuwe olievelden) een CO2 kost van 40$ per ton. Enkel indien een project bij deze prijs nog rendabel is wordt het in overweging genomen. Ook softwarebedrijf Microsoft doet iets dergelijks.




Waarom een koolstofheffing op Belgisch niveau ?


Een nationale koolstofheffing is zinvol 1. Om de CO2 emissies af te dekken in de sectoren die niet gereguleerd zijn 2. Om in de sectoren die reeds gereguleerd zijn door de Europese emissiehandel een effectief prijssignaal te geven. Zolang er op Europees niveau geen effectieve emissieprijs bestaat eist de CCL een nationale koolstofheffing op alle CO2 emissies als overgangsoplossing. Dit is het meest kosteneffectieve middel om de Belgische reductiedoelstellingen te halen, en ook om een Europese oplossing op termijn te bevorderen.




Zouden industrie en burgers niet tweemaal moeten betalen als we naast de EU emissiehandel ook nog een nationale koolstofheffing invoeren ?


Nee, de koolstofheffing zou rekening houden met de emissiecertificaten van de EU emissiehandel. De industrie, en dus ook de burgers zouden dus geen twee keer moeten betalen. Ons langetermijndoel is een koolstofheffing op EU niveau. Dat kan gebeuren door een uitbreiding van de huidige emissiehandel naar alle CO2 emissies, een EU-wijde koolstoftaks, of door een kombinatie van beide. Dan kan de nationale koolstofheffing terug worden afgeschaft of in de Europese oplossing geïntegreerd.




Werken nationale maatregelen de Europese emissiehandel niet tegen ?


In theorie bestaat dit probleem wel, omdat extra nationale maatregelen de schaarste in de emissiehandel doen afnemen, en hiermee de prijs van de certificaten zou dalen. Dit probleem bestaat echter ook zonder emissiehandel: als bijvoorbeeld Europa zijn fossiele brandstofverbruik drastisch doet dalen, kan dat in principe de prijs van fossiele brandstoffen drukken en daarmee het verbruik in andere landen doen stijgen. Dit toont enkel aan hoe belangrijk globale samenwerking is op langere termijn. Dat betekent echter niet dat men gewoon maar moet wachten op mondiale of Europese oplossingen. Het is gemakkelijker iets in beweging te krijgen als men tegelijkertijd trekt en duwt. Dat wil zeggen: we moeten zowel op nationaal vlak werken als in de EU en globaal samenwerken.




Moet België op zijn eentje een koolstofheffing invoeren ?


België zou hier niet alleen staan in Europa, integendeel. Tot nu toe (2015) zijn er 13 Europese landen met een nationale CO2 belasting – meestal gaat het over de emissies die niet door de EU emissiehandel gereguleerd zijn. Deze landen zijn o.a. Frankrijk, Groot-Brittanië en Ierland, de Scandinavische landen, Zwitserland en Portugal. Buiten Europa hebben bijvoorbeeld Zuid-Afrika, Chili en meerdere US staten en Canadese provincies een CO2 belasting ingevoerd. Groot-Brittanië heeft in 2013 een nationale minimumprijs voor CO2-emissies ingevoerd, die momenteel op iets meer dan 20 pond per ton ligt – dus duidelijk hoger dan de prijs in de EU emissiehandel. De Britse “Carbon Floor Price” stijgt tot 2020 jaarlijks met 2 pond, en daarna tot 2030 met 4 pond per jaar. Het verschil tussen de nationale minimumprijs en de EU-emissiehandelsprijs moet door de elektriciteitsproducenten in de vorm van een belasting worden betaald. De Franse president Macron eist een minimumprijs van 30 € in de EU emissiehandel.




Hoe hoog zijn de koolstofheffingen/prijzen in andere landen ?


De top 5 zijn (stand van zaken in 2018):

Zweden: omgerekend 120 euro/ton

Zwitserland: omgerekend 96 euro/ton.

Finland: 62 euro/ton

Frankrijk: 39 euro/ton

Ijsland: 36 euro/ton

Veel andere Europese en niet-Europese landen hebben een koolstofheffing die veel lager ligt, rond de 10 euro/ton.




Wordt de koolstofheffing in andere landen ook regelmatig verhoogd ?


Meestal wel. De Franse koolstofheffing is gestegen van 7 € in 2014 tot 39 € in 2018. In Zwitserland hangt de stijging af van de evolutie van de CO2 emissies. Als het de vooropgestelde emissiereducties niet haalt stijgt de prijs.




Bestaat er in andere landen ook zoiets als een koolstofdividend ?


In Zwitserland wordt 2/3de van de opbrengst van de heffing verdeeld onder de burgers en de bedrijven. 1/3e wordt besteed aan het energiezuinig maken van gebouwen. Elke Zwitser krijgt hetzelfde bedrag (als korting op zijn bijdrage aan de ziekteverzekering). Dit lijkt reeds sterk op ons voorstel voor een koolstofdividend. In Zwitserland is het mogelijk om dit bedrag via de ziekteverzekeringsbijdrage te verrekenen, omdat een ziekteverzekering in Zwitserland verplicht is. Bij ondernemingen is het terugbetaalde bedrag evenredig met de loonkosten. De Canadese provincie Brits Columbië heeft de opbrengsten van zijn koolstofheffing gebruikt om de belastingen op lage lonen, en de bedrijfsbelastingen te verlagen. Het geheel is inkomensneutraal – de gehele opbrengst van de heffing gaat naar belastingverlagingen. En vanaf 2019 wordt er in heel Canada de koolstofheffing met koolstofdividend ingevoerd (het eerste grote succes van de CCL die in Canada jarenlang hiervoor geijverd heeft) In eerste instantie zal de koolstofheffing 20 CAD per ton bedragen. Het gemiddelde gezin zal naar schatting een 307 CAD aan koolstofdividend ontvangen. De meeste gezinnen zullen een hoger bedrag aan koolstofdividend ontvangen dan ze aan koolstofheffing moeten betalen.




Kunnen we een koolstofheffing wel vertrouwen, als zelfs fossiele brandstofbedrijven voorstander zijn ?


Bedrijven en zelfs fossiele brandstofbedrijven zijn voorstander van de koolstofheffing omwille van 2 redenen:

De goede reden: een koolstofheffing bereikt op de goedkoopste manier het maximale resultaat. En dit met een minimum aan overheidsbemoeienis. De overheid zal dan wel een heffing opleggen, maar ze zal tenminste niet aan bedrijven opleggen hoe ze hun business moeten runnen, of aan personen opleggen hoe ze hun leven moeten leiden.

De slechte reden: Zoals in alles willen bedrijven zoveel mogelijk van de koek krijgen. Ze zullen de koolstofheffing willen manipuleren om een zo groot mogelijk deel van de opbrengst binnen te rijven. Dit is voor gewone burgers geen reden om tegen de koolstofheffing te zijn, maar het is een reden om te lobbyen voor een progressieve koolstofheffing met koolstofdividend.




Is een koolstofheffing wel rechtvaardig ?


Er wordt zelden gesproken over wie er eigenlijk opdraait voor de kosten van de klimaatverandering. Maar momenteel is het zo dat de fossiele brandstofindustrie miljarden dollars winst maakt, terwijl de gevolgen van de klimaatverandering: extreme droogtes, extreme neerslag, overstromingen, klimaatvluchtelingen ... voor rekening zijn van de gewone bevolking. Een rekening die exponentieel zal stijgen als de klimaatverandering verergert. Bepaald geen rechtvaardige situatie.

Anderzijds, als er een koolstofheffing wordt ingevoerd, wordt de schade die aan de planeet wordt veroorzaakt meegerekend in de prijs van fossiele brandstoffen. Wie het meest vervuilt zal het meest moeten betalen. Dit is een veel rechtvaardiger systeem.

Het belangrijkste effect van een koolstofheffing is natuurlijk dat het een ontradend effect heeft: de CO2 uitstoot zal dalen, we zullen de ergste schade aan de planeet kunnen voorkomen.

Een koolstoftaks zal investeerdersgeld doen vloeien naar innovatieve bedrijven die bezig zijn met hernieuwbare energie en CO2 besparende technologieën. En dit zal de burgers ook meer mogelijkheden geven om voor ecologische producten te kiezen.

De oplossing van de CCL, om de opbrengst van de koolstofheffing voor 100% terug uit te keren aan de burgers in de vorm van een koolstofdividend maakt deze oplossing ook sociaal rechtvaardig.




Is het mogelijk om tegelijk groen en sociaal te zijn ? Moeten we geen verscheurende keuze maken: ofwel redden we het klimaat maar loopt de rekening torenhoog op voor de mensen, ofwel voeren we een sociaal beleid waarmee we het klimaat om zeep helpen ?


Wij geloven dat het inderdaad mogelijk is om tegelijk groen en sociaal te zijn.

Het doel van een koolstofheffing is om het verschil in prijs tussen vervuilende en niet vervuilende producten groter te maken, zodat de mensen voor de niet vervuilende producten en oplossingen kiezen. Om de koolstofheffing ook sociaal aanvaardbaar te maken stellen wij voor om de volledige opbrengst van de heffing terug gelijk over de mensen te verdelen (het zgn. “koolstofdividend”) . Dit zorgt ervoor dat de gemiddelde belastingdruk niet toeneemt.

Eigenlijk kan je dit principe evengoed een herverdelingsmechanisme noemen, want dat is het: een herverdeling van wie veel vervuilt naar wie weinig vervuilt. En in het algemeen betekent dit ook een herverdeling van rijk naar arm, want de laagste inkomens hebben meestal een lagere ecologische voetafdruk.




Is een koolstofheffing geen geval van: de vervuiler betaalt, maar ook: de betaler vervuilt ? Wie maar genoeg betaalt kan rustig blijven vervuilen.


De klimaatverandering kan niet alleen met goede bedoelingen worden gestopt. Men doet reeds meer dan 20 jaar beroep op het goede hart van de mensen. Als resultaat is in België de uitstoot sinds 2005 met 0,4% afgenomen. Het is duidelijk dat we er op deze manier niet geraken.

We moeten iedereen meekrijgen, ook degenen die niets om het klimaat en om het milieu geven. Dat kan alleen door een taks op vervuiling te heffen die hoog genoeg is om effect te hebben. Wie niets om het klimaat geeft, is meestal wel bezorgd als hij het in zijn portemonnee voelt.

Indien we tegen 2050 en liefst nog vroeger een koolstofneutrale samenleving willen bereiken zal dat geld kosten, veel geld. Geld voor elektrische wagens, voor verwarming met warmtepompen, voor isolatie ... Door een koolstofheffing laat je de vervuilers het grootste deel van deze kost dragen. Het alternatief is overheidssubsidies ... en dan komt deze kost bij de belastingbetaler terecht, als een soort Turteltaks in het kwadraat.




Moeten we niet eerder inzetten op technologische innovaties ?


Technologische innovaties zijn broodnodig. De huidige marktcondities zijn echter zodanig dat er met deze innovaties niet genoeg geld te verdienen valt, en daarom worden ze niet op een voldoende grote schaal, en met voldoende snelheid geïmplementeerd om een klimaatcatastrofe te voorkomen.

Hernieuwbare energie bijvoorbeeld groeit exponentieel, zelfs zonder noemenswaardig klimaatbeleid. Maar de economie, en daarmee ons energieverbruik, groeit eveneens exponentieel. Het gevolg is dat tegen 2050 bij ongewijzigd beleid nog steeds slechts de helft van alle geproduceerde energie hernieuwbaar zal zijn.

De koolstofheffing met koolstofdividend maakt het verschil tussen vervuilende en niet vervuilende technologieën groter. Het wordt financieel interessanter om in niet-vervuilende technologieën te investeren. Een koolstofheffing met dividend zal de ontwikkeling en het inzetten van groene technologieën in belangrijke mate versnellen.




Moet de overheid niet eerder inzetten op openbaar vervoer, subsidies voor warmtepompen, isolatie e.d. ?


We hebben een maatregel nodig die over alle menselijke activiteiten heen een stimulans vormt om minder fossiele brandstoffen te verbranden.

Als je enkel bepaalde activiteiten aanpakt en andere niet (bijvoorbeeld: enkel de transportsector), dan loop je de kans op “carbon leakages”: wat in de ene sector aan CO2 uitstoot wordt bespaard wordt in een andere sector extra uitgestoten.

Daarom is de koolstofheffing met dividend een essentieel basisbeleid, dat dan verder kan worden aangevuld met extra maatregelen en subsidies van overheidswege.




Dit betekent dat benzine, diesel en aardgas duurder zullen worden voor de consument ?


Ja, dat klopt. Er wordt vaak ontwijkend gedaan over hoe de klimaatverandering moet worden opgelost, maar feitelijk is het simpel: wij stoten teveel broeikasgassen uit omdat we teveel fossiele brandstoffen verbranden. Om het gebruik van fossiele brandstoffen geleidelijk af te bouwen moet de prijs van fossiele brandstoffen omhoog. Om het gebruik van fossiele brandstoffen te ontraden, maar tegelijk de levensduurte voor het gemiddelde gezin niet te doen stijgen zijn wij voorstander van een koolstofheffing MET dividend.